Op zoek naar regenwormen

Wat doe je midden in een weiland, in het donker, liggend op je buik op een laag karretje met een hoofdlamp op de grond gericht? Wormen tellen! Wormen en dan met name de regenwormen komen boven de grond in het donker voor voedsel als blaadjes, gras en mest.  De hoeveelheid wormen die geteld worden, zijn een indicatie voor het bodemleven op het perceel.

In het Innovatieprogramma Veen (IPV) worden verschillende onderzoeken uitgevoerd. Om te bepalen of vernatting met de in het IPV aangelegde drukdrains leidt tot betere voedselomstandigheden voor weidevogels, wordt in het IPV onderzocht hoeveel wormen er in de bovenste 10 cm van de bodem zitten.

Dit gebeurt op twee manieren in het IPV. Met een spade wordt er op enkele plekken een stuk grond afgestoken en helemaal uitgepluisd op wormen en emelten. En dan deze bovengrondse  telling van regenwormen in het donker*. Zowel de bovengrondse als ondergrondse tellingen vinden vier keer plaats gedurende het broedseizoen van weidevogels op zowel de percelen met drukdrainage als de referentiepercelen.

Afgelopen week was de aftrap van de eerste telling in het donker; er werden 37 regenwormen op het perceel met drukdrains gevonden en 17 op het referentieperceel zonder drukdrains.

*)Deze onderzoeksmethode is tot stand gekomen met hulp van onderzoeker Jeroen Onrust van de Rijksuniversiteit Groningen.