Bouwers en productontwikkelaars hebben interesse in lisdodde als bouwmateriaal en zien verschillende toepassingen. Dat bleek tijdens het eerste Fieldlab ‘Bouwen met lisdodde’ op 14 maart in Amsterdam.

Lisdodde (Typha) is interessant als bouwmateriaal omdat het stevig is, een isolerende werking heeft en brandwerend is. Het Innovatieprogramma Veen onderzoekt of de teelt van lisdodde (ook wel rietsigaar genoemd) bodemdaling kan tegengaan én (economisch) een alternatief is voor de veehouderij.

Eerst polsen

Pim Engels, projectleider Markt en Ketenvorming, doet binnen het Innovatieprogramma Veen onderzoek naar de markt voor biomassa uit natte teelten. Voor het fieldlab had hij mensen uit binnen- en buitenland uitgenodigd. Dit waren mensen met verstand van bouwmaterialen gemaakt van vezels, of mensen die interesse hebben om duurzaam te produceren of te bouwen. Sommige van die partijen werken al met lisdodde als grondstof. In Duitsland bouwt men bijvoorbeeld typhaboard (lisdodde verwerkt tot een constructieve bouwplaat). Partijen in Nederland experimenteren met lisdodde en mycelium (schimmels) en vezels met andere duurzame bindmiddelen, waarmee je een circulair product kunt ontwikkelen.

De bijeenkomst op 14 maart was een eerste oriënterende bijeenkomst om te kijken of bouwers en productontwikkelaars lisdodde voldoende interessant vinden. Dat blijkt zo te zijn. Er zijn allerlei toepassingen verzameld, van vloeren tot wanden, van meubels tot isolatie, van deuren tot akoestische panelen.

Samen verder optrekken

Alle partijen willen betrokken blijven. De volgende stap is om te kijken of ideeën haalbaar en schaalbaar zijn.

Dat staat niet op zichzelf. Bouwen met materialen op basis van lisdodde is nieuw. Dat betekent dat de nieuwe producten moeten worden ontwikkeld en gecertificeerd. Die producten moeten concurreren met bestaande materialen als vlas en hennep. Dat is een marktvraagstuk

Tegelijk moeten boeren warm worden gemaakt. Het Innovatieprogramma Veen probeert die twee sporen – markt en productie – parallel te bewandelen. Als er immers geen afzet is, gaan boeren niet produceren. ls er te weinig lisdodde, dan zal de markt het niet gaan gebruiken.

Lees ook wat Pim Engels eerder over dit onderzoek vertelde >